Afgelopen week op vakantie geweest. Geen tijd genomen om een review te schrijven. Vandaag thuis gekomen lag het album The Moral Of The Elephant van Martin Carthy en dochter Eliza Carthy op de mat.
Volgende week een review van dat album. Nu alvast een voorproefje.
"All music is folk music. I ain't never heard no horse sing a song" Louis Armstrong
zaterdag 7 juni 2014
donderdag 29 mei 2014
Bridie Jackson and the Arbour, New Skin
Een
jaar na het verschijnen van Bitter
Lullabies van de uit Newcastle afkomstige Bridie Jackson and the Arbour stuitte ik
op dat debuutalbum. Het bleek een album gevuld met bitterzoete liedjes waarin folk,
flamenco, gospel maar ook messcherpe samenzang te horen is. Verdere bekendheid
verwierf men met een concert op het befaamde Glastonbury festival. Voor het
zojuist verschenen tweede album New Skin
zocht men producer Mick Ross aan. Zonder gastoptredens zetten kernleden Bridie
Jackson (stem, gitaar en piano), Carol Bowden (stem en percussie), Rachel Cross
(stem en viool) en Jenny Nendick (cello en staande bas) het nieuwe album in de
steigers. Zij hanteren allen de Belleplates (handbellen) die ook op Bitter Lullabies een rol van betekenis
speelden.
Het album opent met titelsong New Skin en Ellie waarin het gezelschap zich als vanouds tegelijkertijd krachtig als kwetsbaar toont. Tevens voeren dramatisch Oost Europees aandoende harmonieën onverzettelijk de boventoon. Een vroeg hoogtepunt wordt bereikt met de koele en tegelijkertijd warme samenzang van Prolong waardoor heen de klankkleur van The Roches lijkt te schijnen. Vervolgens legt men de lat nog iets hoger met Peace waarop Nendick de snaren van haar cello zowel plukt als aanstrijkt en de stem van Arbour de luisteraar naar grote hoogtes meevoert. Het op het debuutalbum vastgelegde We Talked Again kreeg aanvankelijk een even sfeervolle als dromerige uitvoering. Hier is hetzelfde stuk van meer dynamiek en ritme voorzien.
Binnen het zo kenmerkende geheel eigen geluid van Bridie Jackson and the Arbour zorgen zowel strijkers als vocale harmonieën voor de nodige reuring. Met New Skin brengt men een knap samenhangend album dat even vertrouwd als ambitieus klinkt.
Hans Jansen
Webpage http://www.bridieandthearbour.com/
Releasedatum 5 mei 2014 Self Released
Het album opent met titelsong New Skin en Ellie waarin het gezelschap zich als vanouds tegelijkertijd krachtig als kwetsbaar toont. Tevens voeren dramatisch Oost Europees aandoende harmonieën onverzettelijk de boventoon. Een vroeg hoogtepunt wordt bereikt met de koele en tegelijkertijd warme samenzang van Prolong waardoor heen de klankkleur van The Roches lijkt te schijnen. Vervolgens legt men de lat nog iets hoger met Peace waarop Nendick de snaren van haar cello zowel plukt als aanstrijkt en de stem van Arbour de luisteraar naar grote hoogtes meevoert. Het op het debuutalbum vastgelegde We Talked Again kreeg aanvankelijk een even sfeervolle als dromerige uitvoering. Hier is hetzelfde stuk van meer dynamiek en ritme voorzien.
Met
traditional The Sandgate Danling Song
legt men met bescheiden instrumentatie nogmaals de nadruk op de
onwaarschijnlijk fraaie samenzang. Vorig jaar brachten Bridie Jackson and the
Arbour de single Scarecrow uit
waarmee men de nodige aandacht op de Britse publieke radiostations kreeg. Dit jazzy
klinkende stuk combineert de kristalheldere stem van Jackson met cello en piano
waarin de bezongen bruidsjurk jammerlijk in een vogelverschrikker veranderd. Het album sluit af met Crying Beast en
One Winter Evening waarin weemoedige
strijkers zich nogmaals vermengen met weelderige harmonieën.
Binnen het zo kenmerkende geheel eigen geluid van Bridie Jackson and the Arbour zorgen zowel strijkers als vocale harmonieën voor de nodige reuring. Met New Skin brengt men een knap samenhangend album dat even vertrouwd als ambitieus klinkt.
Hans Jansen
Webpage http://www.bridieandthearbour.com/
Releasedatum 5 mei 2014 Self Released
zondag 25 mei 2014
Clip van de week
Deze week aandacht voor Katie Doherty. Katie is afkomstig uit het noordoosten van Engeland. Ze studeerde muziek aan de universiteit van Newcastle. Doherty werkte samen met o.a. Karine Polwart en Kate & Anna McGarrigle. Haar stem wordt vaker met die van Kate Rusby vergeleken.
Het eerste, en tot op heden enige, solo album Bridges werd uitgebracht in oktober 2007. Jammer genoeg wist het album niet in zijn geheel te overtuigen. Toch zou ik graag nieuw werk van haar tegemoet zien. Talent heeft ze!
maandag 19 mei 2014
Alexa Woodward
vrijdag 16 mei 2014
Kris Delmhorst, Blood Test
Voor
de opnamen van haar nieuwe album Blood
Test keerde singer songwriter Kris Delmorst terug naar haar geboortegrond
Brooklyn. In nauwe samenwerking met zanger en gitarist Anders Parker legde ze daarbij
geholpen door multi-instrumentalist Mark Spencer (bas, pedal steel, piano,
orgel, elektrische gitaar en vibrafoon) en Konrad Meisner (drums en percussie) het
materiaal vast. Na de geboorte van haar dochtertje leed Delmhorst enige tijd
aan een writers block. In de tussentijd bracht zij het album Cars uit, geheel gevuld met songs van de
gelijknamige band. Hoewel dit project voor Delmhorst dierbare herinneringen
opriep aan de tijd waarin ze als oppas een bijbaantje had was dit het eerste album
dat ik aan mij voorbij liet gaan. Het nieuwe album mag als opvolger van het zes
jaar geleden Shotgun Singer worden
gezien. Hoewel dit album ook de zo kenmerkende prachtige ballades bevatte ging
het wat mij betreft enigszins gebukt onder de relatief koele productie van
medeproducent Sam Kassirer. Op Blood
Test zocht zij voor diezelfde positie de al eerder genoemde Anders Parker aan
die tevens bas en achtergrondvocalen voor zijn rekening neemt.
Bij herhaalde beluistering van dit
bijzonder geslaagde album dringt zich onwillekeurig de verleidelijke gedachte
op dat Delmhorst goed binnen de huwelijkse staat en het moederschap gedijt. Was haar voorgaande werk al niet slechts
van droefgeestigheid doortrokken, het nieuwe album getuigt in zijn geheel van de
nodige energie en levenslust. Met up tempo opener Blood Test weet Delmhorst de luisteraar haar wereld binnen te
trekken. Haar smeulende stem straalt meteen de vertrouwde warmte uit waarbij de
melodie zich onmiddellijk in de hersenpan vasthaakt. Even verderop brengt
Delmhorst 92nd Street, dit was de
eerste song die zich na haar writers block aandiende. Aanvankelijk lijkt het
stuk een ballade te zijn maar ontpopt zich halverwege als pop-rock song.
Delmhorst leeft zich meerdere malen uit in dat laatste idioom met bijvoorbeeld We Deliver waarop orgel en elektrische
gitaar centraal staan. Het anderhalve minuut klokkende Temporary Sun blinkt met zijn geweldige gitaarwerk van Mark Spencer
uit op de korte baan. Het kan net als het overige stevigere werk als uitstekend
alternatief dienen voor hen die met recht en reden de laatste Kathleen Edwards
links lieten liggen.
Dichterbij radio vriendelijke popmuziek dan als het op tot meezingen uitnodigende Bright Green World kwam Kris Delmhorst nooit met zelfgeschreven werk. Ook dit geluid past haar als een tweede huid. Daarnaast wordt de luisteraar in de watten gelegd met een trits hartverwarmende ballades. Zo brengt Delmhorst Homeless en het van gorgelend orgel voorziene en hartveroverende Bees evenals het weemoedige door piano en gitaar gedragen Hushabye. Het bijzonder sfeervolle door atmosferische steel gitaar bepaalde My Ohio is opgedragen aan overleden vriend Roger Beatty. Met het van een onweerstaanbaar ritme voorziene Lighthouse biedt Delmhorst zichzelf als baken voor haar geliefden aan en besluit zij het album.
Met Blood Test brengt Kris Delmhorst een even afwisselend als energiek album. Wat mij betreft te beschouwen als ideale staalkaart van haar niet geringe talent.
Hans Jansen
Webpage http://krisdelmhorst.com/
Releasedatum 13 mei 2014 Signature Sounds
Dichterbij radio vriendelijke popmuziek dan als het op tot meezingen uitnodigende Bright Green World kwam Kris Delmhorst nooit met zelfgeschreven werk. Ook dit geluid past haar als een tweede huid. Daarnaast wordt de luisteraar in de watten gelegd met een trits hartverwarmende ballades. Zo brengt Delmhorst Homeless en het van gorgelend orgel voorziene en hartveroverende Bees evenals het weemoedige door piano en gitaar gedragen Hushabye. Het bijzonder sfeervolle door atmosferische steel gitaar bepaalde My Ohio is opgedragen aan overleden vriend Roger Beatty. Met het van een onweerstaanbaar ritme voorziene Lighthouse biedt Delmhorst zichzelf als baken voor haar geliefden aan en besluit zij het album.
Met Blood Test brengt Kris Delmhorst een even afwisselend als energiek album. Wat mij betreft te beschouwen als ideale staalkaart van haar niet geringe talent.
Hans Jansen
Webpage http://krisdelmhorst.com/
Releasedatum 13 mei 2014 Signature Sounds
zondag 11 mei 2014
Clip van de week
Deze
week aandacht voor Jack Harris. “Zo eenvoudig als zijn naam, zo eenvoudig is
zijn muziek. Jack’s liedjes bezingen alledaagse kwesties, echter met een
onvervalst sentiment en sier. Zoals je ’s ochtends kan genieten van een
opkomende zon over dampende velden zo neemt Jack’s beeldend materiaal je mee
naar zijn werkelijkheid. Geen overdaad aan fantasie, of weelderige metaforen,
maar directe verhalende teksten”. (Rein van den Berg, JohnnysGarden).
Wanneer je van intelligente songwriters houdt… van harte aanbevolen!
Van zijn tweede album The Flame and the Pelican, het fraaie Donegal.
http://jackharrismusic.com/
Wanneer je van intelligente songwriters houdt… van harte aanbevolen!
Van zijn tweede album The Flame and the Pelican, het fraaie Donegal.
http://jackharrismusic.com/
vrijdag 9 mei 2014
Natalie Merchant
Het
is alweer ruim 13 jaar geleden dat Natalie Merchant met het album Motherland, een volledig door haar zelf
geschreven werkstuk, voor de dag kwam. Het scheen alsof Merchant over
voorspellende gaven beschikte. Het openingsnummer This House Is On Fire leek tekstueel en met zijn Arabische melodie
direct naar de komende gebeurtenissen van de elfde september te verwijzen. In
de tussentijd legde Merchant met The
House Carpenters Daughter een album vol met interpretaties van traditionele
folksongs vast. Op het dubbelalbum Leave
Your Sleep vertolkte zij een indrukwekkende reeks gedichten en
kinderrijmpjes. Beide werkstukken zijn binnen haar catalogus van buitengewoon belang.
Tegelijkertijd bemerk ik dat ze minder beluister dan haar zelf geschreven werk.
Terwijl Merchant aan bovengenoemde albums werkte schreef ze tevens nieuwe liedjes. Elf van deze stukken heeft ze nu op een titelloos album verzameld. Het geheel laat zowel muzikaal als tekstueel een behoorlijke verscheidenheid horen. Naast de fraaie fluwelen stem van Merchant zorgen ook de mooi uitgewerkte strijkers- en blazersarrangementen voor de nodige verbinding. Het album kent bijdragen van tientallen verschillende muzikanten. De ruggengraat wordt hierbij gevormd door oude getrouwen Eric Della Penna en Gabriel Gordon (gitaar) evenals Uri Sharlin (piano) en Jesse Murphy (bas). De productie nam Merchant ditmaal zelf ter hand zodat haar songs handelend over het slagen of falen in de liefde, spijt, ontkenning, overgave en bij gelegenheid een triomf optimaal tot hun recht kunnen komen.
Merchant trekt met openingstrack Ladybird alle registers open om het vervolgens met Maggie Said en Texas mooi klein te houden waarbij de akoestische gitaar in beide stukken leidend is. Dit drietal vormt de opmaat naar de overdonderde gospel/soul van Go Down Moses. Net als gastzangeres Corliss Stafford zingt Merchant hier tegen de klippen op. Jaren geleden vroeg een geheel met Merchants werk onbekende passagier in de auto bewonderend: is dit een zwarte vrouw? Roffelende drums, jankende lapsteel en gedempte blazers zetten vervolgens passend de hoofdzondes van Seven Deadly Sins in het schemerlicht.
Mijn eerste kennismaking met het album werd gevormd door de single Giving Up Everything.
Wanneer dit maatgevend voor het gehele album zou zijn dan staat de luisteraar het nodige te wachten was mijn verzuchting enkele weken geleden. Na het album vrijwel continu te hebben beluisterd blijkt dat vermoeden juist te zijn. Ook dit gepassioneerd gebrachte stuk verhalend over het belang van loslaten is net als de rest van het album bijzonder fraai uitgewerkt.
Het relaas over Louise Brooks wordt in Lulu verteld. Zij was een van de beroemdste actrices van de stomme film en stond bekend om zowel haar optredens binnen invloedrijke films als om haar rebellie tegen het Hollywood systeem. Het geheel laat zich aanvankelijke als piano ballade beluisteren, kent een rijk gearrangeerd middenstuk evenals een smaakvol ingetogen einde. Dit is Natalie Merchant ten voeten uit. Het laatste stuk The End kent als grande finale een passend strijkers en blazersarrangement.
Op haar nieuwe titelloze album lijkt Natalie Merchant het leven zoals het zich aandient onder ogen te willen zien. Zowel tekstueel als muzikaal geeft het geheel blijk van een verder toegenomen rijpheid. Het complete werk van Merchant mag wat mij betreft als excellent worden beschouwd. Met haar nieuwe album voegt zij hier een uitmuntend hoofdstuk aan toe.
Hans Jansen
Webpage http://www.nataliemerchant.com/splash/
Releasedatum 2 mei 2014 Nonesuch Records
Terwijl Merchant aan bovengenoemde albums werkte schreef ze tevens nieuwe liedjes. Elf van deze stukken heeft ze nu op een titelloos album verzameld. Het geheel laat zowel muzikaal als tekstueel een behoorlijke verscheidenheid horen. Naast de fraaie fluwelen stem van Merchant zorgen ook de mooi uitgewerkte strijkers- en blazersarrangementen voor de nodige verbinding. Het album kent bijdragen van tientallen verschillende muzikanten. De ruggengraat wordt hierbij gevormd door oude getrouwen Eric Della Penna en Gabriel Gordon (gitaar) evenals Uri Sharlin (piano) en Jesse Murphy (bas). De productie nam Merchant ditmaal zelf ter hand zodat haar songs handelend over het slagen of falen in de liefde, spijt, ontkenning, overgave en bij gelegenheid een triomf optimaal tot hun recht kunnen komen.
Merchant trekt met openingstrack Ladybird alle registers open om het vervolgens met Maggie Said en Texas mooi klein te houden waarbij de akoestische gitaar in beide stukken leidend is. Dit drietal vormt de opmaat naar de overdonderde gospel/soul van Go Down Moses. Net als gastzangeres Corliss Stafford zingt Merchant hier tegen de klippen op. Jaren geleden vroeg een geheel met Merchants werk onbekende passagier in de auto bewonderend: is dit een zwarte vrouw? Roffelende drums, jankende lapsteel en gedempte blazers zetten vervolgens passend de hoofdzondes van Seven Deadly Sins in het schemerlicht.
Mijn eerste kennismaking met het album werd gevormd door de single Giving Up Everything.
Wanneer dit maatgevend voor het gehele album zou zijn dan staat de luisteraar het nodige te wachten was mijn verzuchting enkele weken geleden. Na het album vrijwel continu te hebben beluisterd blijkt dat vermoeden juist te zijn. Ook dit gepassioneerd gebrachte stuk verhalend over het belang van loslaten is net als de rest van het album bijzonder fraai uitgewerkt.
Het relaas over Louise Brooks wordt in Lulu verteld. Zij was een van de beroemdste actrices van de stomme film en stond bekend om zowel haar optredens binnen invloedrijke films als om haar rebellie tegen het Hollywood systeem. Het geheel laat zich aanvankelijke als piano ballade beluisteren, kent een rijk gearrangeerd middenstuk evenals een smaakvol ingetogen einde. Dit is Natalie Merchant ten voeten uit. Het laatste stuk The End kent als grande finale een passend strijkers en blazersarrangement.
Op haar nieuwe titelloze album lijkt Natalie Merchant het leven zoals het zich aandient onder ogen te willen zien. Zowel tekstueel als muzikaal geeft het geheel blijk van een verder toegenomen rijpheid. Het complete werk van Merchant mag wat mij betreft als excellent worden beschouwd. Met haar nieuwe album voegt zij hier een uitmuntend hoofdstuk aan toe.
Hans Jansen
Webpage http://www.nataliemerchant.com/splash/
Releasedatum 2 mei 2014 Nonesuch Records
Abonneren op:
Posts (Atom)









